|
||||||||||
![]() ![]() |
Meer dan zeven eeuwen Mariaprocessie in Halle
De oudste bron die de processie ter ere van Onze-Lieve-Vrouw van Halle vermeldt, dateert van 1335. In een pauselijke bul, ondertekend door 17 bisschoppen en een aartsbisschop, werd 40 dagen aflaat verleend aan de deelnemers aan de processie op de eerste zondag van september, naar aanleiding van Maria’s geboorte. Dat maakt dat de processie van Halle al zeker 750 jaar oud is. De volgende editie gaat uit met Pinksteren, zondag 23 mei 2010 om 15u. Erfgoed in breedbeeld
Het Mariaverhaal van Halle begint in het jaar 1267. Aleyde van Avesnes schenkt dat jaar een beeld van Onze-Lieve-Vrouw aan de stad Halle, in opdracht van haar moeder Machteld van Brabant. Aleyde was gehuwd met Jan van Avesnes, die toen reeds overleden was. Machteld van Brabant wilde de belangen van haar kleinzoon, ook Jan van Avesnes genaamd, als graaf van Henegouwen beschermen tegen de graven van Vlaanderen. Het beeld zelf maakte deel uit van een groep beelden die volgens de legende zou hebben toebehoord aan de Heilige Elisabeth van Hongarije. Die zou er één beeld van geschonken hebben aan het klooster van de Karmelietessen in Vilvoorde en de drie andere beelden aan haar dochter Sofia van Thüringen hebben nagelaten. Sofia zou ze op haar beurt aan haar schoonzus Machteld van Brabant geschonken hebben. De andere beelden kwamen terecht in Haarlem en ’s Gravenzande. De daaropvolgende decennia kwamen tal van Europese vorsten op bedevaart naar Halle. Vooral de Bourgondiërs hadden een trouwe band met Halle. Anton van Bourgondië was er niet weg te slaan, Filips de Goede en Karel de Stoute kwamen ook meermaals op bedevaart. In 1404 overleed Filips de Stoute in Halle nadat hij ziek was geworden tijdens zijn bezoek aan Brussel. Ook Karel V kwam meer dan eens naar de Zennestad. In 1520 kwam hij naar Halle om Onze-Lieve-Vrouw te bedanken voor de vervulling van zijn keizersdroom, pas nadien vertrok hij naar Aken voor zijn kroning. Maar ook de Engelse koningen kenden Halle. Zo was de beruchte Henri VIII lid van de broederschap. Hij schonk een monstrans aan de kerk. De oprichting van de Anglicaanse Kerk sneed echter alle banden door. Ook ons Belgische vorstenhuis kent Halle. Zo kwamen koning Boudewijn en koningin Fabiola in 1967 naar Halle naar aanleiding van de viering “700 jaar Mariastad”. In 1999 kwam het huidig koningspaar Albert II en Paola naar Halle. Prinses Mathilde schonk dan weer haar bruidsboeket aan de Lieve-Vrouw van Halle. Ook dat kan nu nog steeds bewonderd worden in de Mariakapel in de basiliek. De oprichting van de Broederschap van Onze-Lieve-Vrouw van Halle was een belangrijke fase in de geschiedenis van de Mariaprocessie van Halle. In 1409 werd ze erkend door de bisschop van Kamerijk en in 1423 verleende Paus Eugenius IV nog aflaten aan de deelnemers. Hierdoor ontstonden in heel het graafschap broederschappen. Allemaal kwamen ze op de eerste zondag van september naar Halle voor de processie. Meer informatie op www.mariaprocessie.be of info@mariaprocessie.be (Johan Vencken, voorzitter werkgroep Mariaprocessie Halle)
Meer dan 7 eeuwen Mariaprocessie in Halle, door Johan Vencken De oudste bron die de processie ter ere van Onze-Lieve-Vrouw van Halle vermeld dateert van 1335. In een pauselijke bul, ondertekend door 17 bisschoppen en een aartsbisschop, werd 40 dagen aflaat verleend aan de deelnemers aan de processie op de eerste zondag van september, naar aanleiding van Maria’s geboorte. Dat maakt dat de processie van Halle al zeker 750 jaar oud is. De volgende editie is gaat uit met Pinksteren, zondag 23 mei 2010 om 15u.
De schenking van het beeld Het Mariaverhaal van Halle begint in het jaar 1267. Aleyde van Avesnes schenkt dat jaar een beeld van Onze-Lieve-Vrouw aan de stad Halle, in opdracht van haar moeder Machteld van Brabant. Aleyde was gehuwd met Jan van Avesnes die toen reeds overleden was. Machteld van Brabant wilde de belangen van haar kleinzoon, ook Jan van Avesnes genaamd, als graaf van Henegouwen beschermen tegen de graven van Vlaanderen. Het beeld zelf maakte deel uit van een groep beelden die volgens de legende zou hebben toebehoord aan de Heilige Elisabeth van Hongarije. Die zou er één beeld van geschonken hebben aan het klooster van de Karmelietessen in Vilvoorde en de 3 andere beelden aan haar dochter Sofia van Thüringen hebben nagelaten. Sofia zou ze op haar beurt aan haar schoonzus Machteld van Brabant geschonken hebben. De andere beelden kwamen terecht in Haarlem en ’s Gravenzande.
Halle, Europees Bedevaartsoord in de Middeleeuwen
In 1286 is er al sprake van een rijk begiftigde Mariakapel in Halle. De pauselijk bul van 1335 zorgde echter voor een eerste sterke groei van de bedevaart. Omstreeks 1337-1338 wordt in Halle op initiatief van de Engelse koning Edward II een verbond gesloten om de Franse koning te beletten zijn macht en territorium in Europa verder uit te breiden. Dit verbond wordt door historici aanzien als de aanzet naar de gekende 100-jarige oorlog tussen Frankrijk en Engeland. Kort daarop werd de Broederschap van Onze-Lieve-Vrouw van Halle opgericht. Alle protagonisten van het verbond tekenden het Gulden Boek van de Broederschap. Dit boek is nog steeds te bezichtigen in de schatkamer/crypte van de Sint-Martinusbasiliek van Halle.
De daaropvolgende decennia kwamen tal van Europese vorsten op bedevaart naar Halle. Vooral de Bourgondiërs hadden een trouwe band met Halle. Anton van Bourgondië was er niet weg te slaan, Filips de Goede en Karel de Stoute kwamen ook meermaals op bedevaart. In 1404 overleed Filips de Stoute in Halle nadat hij ziek was geworden tijdens zijn bezoek aan Brussel. Ook Karel V kwam meer dan eens naar de Zennestad. In 1520 kwam hij naar Halle om Onze-Lieve-Vrouw te bedanken voor de vervulling van zijn keizersdroom, pas nadien vertrok hij naar Aken voor zijn kroning. Maar ook de Engelse koningen kenden Halle. Zo was de beruchte Henri VIII lid van de broederschap. Hij schonk een monstrans aan de kerk. De oprichting van de Anglicaanse Kerk sneed echter alle banden door. Ook ons Belgische vorstenhuis kent Halle. Zo kwamen koning Boudewijn en koningin Fabiola in 1967 naar Halle naar aanleiding van de viering “700 jaar Mariastad”. In 1999 kwam het huidig koningspaar ZM Albert I en HM Paola naar Halle. Prinses Mathilde schonk dan weer haar bruidsboeket aan de Lievevrouw van Halle. Ook dat kan nu nog steeds bewonderd worden in de Mariakapel in de basiliek.
De processie van Onze-Lieve-Vrouw van Halle De oprichting van de Broederschap van Onze-Lieve-Vrouw van Halle was een belangrijke fase in de geschiedenis van de Mariaprocessie van Halle. In 1409 werd ze erkend door de bisschop van Kamerijk en in 1423 verleende Paus Eugenius IV nog aflaten aan de deelnemers. Hierdoor ontstonden in heel het graafschap broederschappen. Allemaal kwamen ze op de eerste zondag van september naar Halle voor de processie.
De broederschappen werden steeds ontvangen met grote luister en ontzag. Elk van de broederschappen bracht een rijkelijk versierde mantel mee voor het genadebeeld. Nadat de clerus en het stadsmagistraat het beeld uit de kerk gedragen hadden namen de broederschappen het over. Ze droegen het beeld volgens een welbepaalde volgorde langsheen de oude processieweg, vandaag in Halle gekend als de Weg-Om. Langsheen deze weg had elke broederschap een ‘statie” gebouwd. Dit waren kapellen. De processie hield er halt. Er werd gebeden en nadien nam de volgende broederschap het over. Telkenmale werd ook het beeld gekleed in de mantel van de broederschap die het droeg. Het dragen van het beeld op de hoogdag van Maria’s geboorte begin september werd zeer snel een privilege voor de broederschappen. Dat gaf ook aanleiding tot zware discussies. Het aantal broederschappen nam de jaren nadien immers sterk toe. En al die broederschappen wilden natuurlijk op die ene dag het beeld dragen. Op een gegeven moment, vermoedelijk in de 15de eeuw, is er beslist om de processie ook te laten uitgaan op Pinksteren.
In de 17de en 18de eeuw werden er ook grote jubelvieringen georganiseerd. Pas in de 19de eeuw kregen deze vieren een extra uitstraling doordat de Hallenaren onder impuls van de Romantiek grote historische praalstoeten gingen organiseren. In deze praalstoeten verhaalden ze de belangrijkste feiten uit de Halse geschiedenis. Deze praalstoeten vormden de fundamenten voor de processie zoals we die vandaag kennen. Sinds 1910 bouwde deken Andreas Michiels de processie alsmaar verder uit. Zo ontwikkelde hij een stoet over Maria’s leven, de Mariastoet. Deze volgde op de Historische praalstoet over de geschiedenis van Halle. Dankzij de niet aflatende inzet en ijver van deken Michiels groeide de processie in deze constellatie uit tot één van de grootste van ons land.
Zijn opvolgers zetten deze trend verder tot in de jaren ’60. Halle kende in die periode enorm veel bijval en de processie trok mensen aan van heinde en ver. In 1967 werd de volledige processie herwerkt tot een Mariahulde. Onder impuls van het 2de Vaticaans Concilie werd de historische pracht en praal vervangen door zeer veel symboliek. Op zich was het een mooi geheel. Alleen begrepen de Hallenaren hun eigen processie niet meer. De daaropvolgende jaren waren zeer moeilijk. Wanneer de Hallenaren opnieuw de historische kant uitwilden gaan, bleken alle kostuums spoorloos verdwenen.
Nieuwe start
In 1970 begin men naarstig zelf kostuums te maken. Door de jaren heen werden er zo maar eventjes meer dan 1000 kostuums gemaakt. Stilaan geraakte de Mariaprocessie uit de slop en begin ze opnieuw te groeien. Zoals elke organisatie kreeg de processie ook in de late 20ste eeuw te kampen met ups en downs. De laatste dip was vorige zomer. Toen besloten enkele oudere leden van de werkgroep dat het tijd was voor een aflossing van de wacht. Alleen was die nieuwe wacht niet direct beschikbaar. Een oproep in het parochieblad en de media resulteerde in een vernieuwde werkgroep van maar liefst 35 vaste leden. Zij staan garant voor het voortbestaan van deze meer dan 700 jaar oude traditie in Halle.
Boek
De geschiedenis van de Mariaprocessie wordt momenteel te boek gesteld door Johan Vencken, huidig voorzitter van de Werkgroep. Hij studeerde in 1999 aan de KU-Leuven af met zijn eindverhandeling “Diachronische studie van de devotie van Onze-Lieve-Vrouw van Halle, met betrekking tot het beeld, de legenden en de processie”. Het boek zal verschijnen eind 2010, begin 2011.
Meer informatie op www.mariaprocessie.be of info@mariaprocessie.be
|
|||||||||
|
Identificatie |
©2010 CRKC en ICOLEIS | Colofon | |||||||||