Religieus Erfgoed Vlaanderen

Startpagina Religieus erfgoed Erfgoed in breedbeeld
Binnenkijken bij de norbertijnen

Erfgoed in breedbeeld
? ? ? ? ? ? ? ? ? ? ? ? ? ? ? ?  

Kloosters en abdijen als inspirerende centra

Kloosters en abdijen behoren tot de belangrijkste instellingen uit het Ancien Regime. Het waren spirituele centra, waar werd gebeden en waar relieken van illustere heiligen werden vereerd. Toch leert de geschiedenis ons dat het monastieke leven geen teruggetrokken bestaan was, weg van de samenleving . Abdijen en kloosters bleven zeer lang een grote invloed uitoefenen op de vormgeving van religie, cultuur en samenleving in Europa. Ook op politiek vlak beschikten zij over veel aanzien en een diepgaande invloed die de religieuze sfeer ver oversteeg.

Een prelaat, binnen de abdij de hoogste in rang en eindverantwoordelijk voor alle geestelijke en tijdelijke aspecten van het monastieke leven, beschikte ook buiten de abdijmuren over een aanzienlijke politieke en sociale invloed. Sinds de 12de eeuw werden abten sterk betrokken bij het bestuur van het land. Daarnaast traden zij vaak op als raadsheren voor vorsten en werden zij regelmatig verzocht hen te vergezellen op internationale gezantschappen. Het monastieke leven bevat eveneens een boeiende economische geschiedenis gekenmerkt door een enorm landbezit, talloze hoeves en boerderijen waarvan de opbrengsten voor een grote welvaart zorgde.

Het is dan ook niet verwonderlijk dat een abt, een man van de wereld, bijzonder goed op de hoogte was van nieuwe stijlontwikkelingen en de weg naar de gerenommeerde kunstenaars wist te vinden. Abdijen staan niet voor niets bekend als de grote ‘bastions van cultuur'. De beroemde bibliotheken en scriptoria waar kennis werd vergaard, maar ook de vaak indrukwekkende abdijkerken en prachtige kloosterinterieurs behoren tot het meest indrukwekkende culturele erfgoed dat Vlaanderen rijk is.

De norbertijnen

De norbertijnen, ook premonstratenzers genoemd, zijn een van de vele religieuze orden die zich in deze streken vestigden en zich onderscheidden door hun leefwijze, klederdracht en spiritualiteit. De orde werd opgericht door Norbertus van Gennep (1080 - 1134), de tweede zoon van de heer van Gennep, een streek op de grens tussen Nederland en Duitsland. Voor deze jonge edelman was een kerkelijke carrière weggelegd. Als kanunnik in de dom van Xanten en als adviseur aan het hof van keizer Hendrik II, leidde hij een comfortabel leven.

Een hevig conflict tussen de Duitse keizer en de paus te Rome betreffende de benoeming van de bisschoppen in het rijk van de keizer zou Norbertus sterk aangrijpen. Beide heersers wilden dit recht in handen krijgen en de keizer besloot de paus met zijn gevolg in Rome gevangen te houden tot hij het benoemingsrecht in handen kreeg. Norbertus had de keizer vergezeld naar Rome en zijn vertrouwen was beginnen wankelen. Ondanks een ernstige geloofscrisis liet Norbertus zich enkele jaren later tot priester wijden en deed hij afstand van zijn positie in het kapittel van Xanten. In de plaats daarvan koos hij voor een rondtrekkend bestaan om al predikend het geloof te kunnen verspreiden en te versterken. Deze ‘herboren' man maakte grote indruk. Hij schonk al zijn bezittingen aan de armen, verrichtte verschillende wonderen en kreeg spoedig vele volgelingen. In 1121 stichtte Norbertus het eerste norbertijnenklooster te Prémontré in Frankrijk. In navolging hiervan zouden norbertijnenabdijen als paddenstoelen uit de grond rijzen. Ook in België volgden heel wat norbertijnenstichtingen. De eerste stichting, in Floreffe, vond in hetzelfde jaar plaats als de oprichting te Premontré. De stichting van de Sint-Michielsabdij in Antwerpen volgde in 1124 en de abdij van Park van Park te Heverlee in 1129. In totaal werden in België om en bij vijftig norbertijnenabdijen gesticht waarvan er heden nog acht bestaan (Park Heverlee, Averbode, Postel, Grimbergen, Tongerlo, Floreffe, Bonne Espérance en Leffe).

Als voorvechter en verdediger van het katholieke geloof werd Norbertus door de paus ook naar Antwerpen gestuurd om de ketter Tanchelmus en diens volgelingen tot inkeer te brengen. Norbertus dwong dus ook binnen de kerk respect af met de nieuwe richting die hij uitging. In 1126 werd hij benoemd tot aartsbisschop van Maagdenburg in Duitsland. Dit was een machtige positie van waaruit Norbertus zijn hervormingen kon doorvoeren. In de kunst wordt deze heilige dan ook vaak voorgesteld in zijn hoedanigheid als aartsbisschopnorbertijn, maar ook als norbertijn. Als verdediger van de eucharistie heeft hij steevast een monstrans, ciborie of een kelk in de hand. De norbertijnen worden soms aangeduid als witheren, verwijzend naar het witte habijt. De kleur en de eenvoud van de kleding staan symbool voor reinheid en soberheid.

De leefregel die Norbertus opstelde voor de orde, vertrok vanuit de regel van Augustinus maar werd aangevuld met eigen accenten. Enerzijds bestond het leven van een norbertijn uit het dagelijkse kloosterleven op het ritme van het achtdelig koorofficie dat in de kerk doorging. Anderzijds bedienden de norbertijnen parochies in de omgeving van het klooster. De norbertijnenorde weet dus een leven van stille contemplatie en gebed in afzondering te combineren met een actieve religieuze instelling die sterke en tastbare banden heeft met de buitenwereld.

Vandaag is het zeer omvangrijke patrimonium van de norbertijnen wellicht één van de meest opvallende getuigen van dit glorieuze verleden.

Het erfgoed van de norbertijnen als eerste opstelling voor het nieuwe Museum Abdij van Park

Het nieuwe MRKC, ondergebracht in de norbertijnenabdij van Park te Heverlee, opent op 24 maart 2009 zijn deuren. In de aanloop naar de opening van het museum valt het zoeklicht op het erfgoed van de premonstratenzerorde in Vlaanderen. Zij hebben in hun bestaan van ruim acht eeuwen een zeer uitgebreid en waardevol kunst- en cultuurpatrimonium opgebouwd waarin de historiek en de spiritualiteit van de orde weerspiegeld worden van de 12de eeuw tot nu. Mede dankzij de continuïteit in hun bestaan hebben zij een groot deel van de verschillende abdijcollecties weten te behouden en zijn een aantal topwerken tot op de dag van vandaag in situ bewaard gebleven. Het museum toont een eerste opstelling in het pas gerestaureerde spreekhuis. Aan de hand van objecten, originele archiefstukken, films en een indrukwekkende maquette van de historische abdijsite wordt de focus gelegd op de geschiedenis van de norbertijnen, het verhaal van de heilige Norbertus en de historiek van de Abdij van Park. In de erfgoedkamer worden enkele curiosa getoond en voert een ontdekkingsreis langs verschillende objecten u naar het religieuze leven van vroeger en nu.

Deze opstelling is nog maar een begin. In de toekomst zal de museumcollectie verder aangevuld worden met stukken uit de eeuwenoude Abdij van Park en met stukken uit het depot van het Centrum voor Religieuze kunst en Cultuur. Ook nu al zijn uit deze collecties schitterende stukken te bewonderen, gaande van schone kunsten tot historische gebruiksvoorwerpen, die een brede kijk geven op het religieus erfgoed.

Opening Museum Abdij van Park in het spreekhuis van de norbertijnenabdij van Park op 24 maart 2009




Identificatie
©2010 CRKC en ICOLEIS | Colofon